Een onafhankelijke staat worden (optie B)
Deze optie houdt in dat Curaçao geen deel meer uitmaakt van de Nederlandse Antillen en ook niet van het Koninkrijk der Nederlanden. Curaçao heeft een onafhankelijke regering en dient alle aangelegenheden zelf te behartigen, inclusief defensie en buitenlandse betrekkingen.
De relatie tussen de eilanden van de Nederlandse Antillen
Curaçao zal geen deel meer uitmaken van de Nederlandse Antillen. Curaçao behoudt geen staatkundige relatie met de andere eilanden, omdat Curaçao als onafhankelijke staat ook geen deel uitmaakt van het Koninkrijk. Als Curaçao op bepaalde terreinen met de eilanden wil samenwerken die deel blijven uitmaken van het Koninkrijk, moet Curaçao een internationaal verdrag met het Koninkrijk sluiten.
De relatie tussen Curaçao en Nederland
Curaçao zal geen deel meer uitmaken van het Koninkrijk der Nederlanden en is niet meer gebonden aan de regels van het Statuut. Curaçao behartigt alle aangelegenheden zelfstandig en onafhankelijk, ook de taken die nu koninkrijksaangelegenheden zijn, zoals defensie, buitenlandse betrekkingen en het waarborgen van de fundamentele menselijke rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van bestuur. Als Curaçao op bepaalde terreinen met Nederland wenst samen te werken, moet het een internationaal verdrag met het Koninkrijk der Nederlanden afsluiten. Zo’n verdrag berust op de vrije wil van beide partijen.
De waarborging van de kwaliteit van het bestuur
Curaçao zal zelf zorgen voor de waarborging en inachtneming van de fundamentele menselijke rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van bestuur. Curaçao is dan zelf verantwoordelijk voor de waarborging van de democratische rechtsstaat. Curaçao heeft een eigen Grondwet. Curaçao kan als onafhankelijke staat vrijwillig toetreden tot internationale verdragen ter bescherming van de rechten van de mens. Op die manier onderwerpt Curaçao zich dan vrijwillig aan de toezicht- en controlemechanismen in het kader van deze verdragen.
De nationaliteit
De inwoners van Curaçao die een Nederlandse nationaliteit hebben, doen in beginsel afstand van de Nederlandse nationaliteit en krijgen een eigen Curaçaose nationaliteit. In plaats van een Nederlands paspoort krijgen zij een Curaçaos paspoort. Nederland en Curaçao moeten een toescheidingsovereenkomst inzake nationaliteit sluiten, vergelijkbaar met de toescheidingsovereenkomst met Suriname. Deze regeling bepaalt onder andere wie de Nederlandse nationaliteit inlevert en de nieuwe Curaçaose nationaliteit krijgt. Dat zijn in beginsel de mensen met de Nederlandse nationaliteit, die op Curaçao zijn geboren of van wie tenminste één ouder op Curaçao is geboren en die op het ogenblik van de onafhankelijkheid hun woonplaats op Curaçao hebben.
Defensie en buitenlandse betrekkingen
Curaçao is zelf verantwoordelijk voor de defensie van het grondgebied. Curaçao kan onafhankelijk zijn buitenlandse betrekkingen behartigen. De nieuwe staat Curaçao kan zelf lid worden van internationale organisaties, ook binnen de Caribische regio. Curaçao kan zelfstandig verdragen afsluiten en kan eventueel de verdragen aanvaarden die nu voor de Antillen gelden. Er is echter geen verplichting voor andere staten of voor Nederland om dergelijke verdragen met Curaçao aan te gaan. Om de eigen belangen te behartigen vestigt Curaçao op eigen verantwoordelijkheid en voor eigen kosten zijn vertegenwoordigingen in het buitenland.
De belastingen
Curaçao wordt op fiscaal gebied onafhankelijk. Dat geldt zowel voor de lokale belastinghuishouding als voor internationale belastingregelingen. Het valt te verwachten dat de Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK) wordt vervangen door een belastingverdrag tussen Nederland en een onafhankelijk Curaçao, net als in het geval van Suriname.
De handel
Als onafhankelijke staat is Curaçao vrij om een zelfstandig handelsbeleid te voeren. De vrijheid van verkeer van goederen, kapitaal en diensten tussen Curaçao en de andere eilanden vervalt. De mogelijkheid om nieuwe onderlinge samenwerkingsvormen te creëren blijft bestaan. Curaçao is vrij om toe te treden tot een regionale economische- of douane unie waarbinnen vrijheid van verkeer en goederen bestaat. De huidige associatieregeling (Landen en Gebieden Overzee LGO) met de Europese Unie vervalt. Curaçao kan via het Lomé IV-verdrag een bepaalde toegang tot de Europese markt verkrijgen.
Het geldwezen
Er zullen nieuwe Curaçaose munten worden geslagen en bankbiljetten worden gedrukt en in omloop gebracht. Tegelijkertijd zullen de bestaande Antilliaanse munten en bankbiljetten uit de circulatie worden gehaald. Er moeten weer afspraken worden gemaakt ten aanzien van de koppeling van de Curaçaose munt aan de U.S. dollar. De status van nieuwe onafhankelijke staat vereist waarschijnlijk een strakker monetair beleid en een aanvullende regulering van het kapitaalverkeer, om de deviezenvoorraad ten behoeve van de import veilig te stellen. Curaçao is vrij om een monetaire unie aan te gaan met een land dat die unie aan wenst te gaan met Curaçao.
Het personenverkeer
Er is geen vrij personenverkeer tussen een onafhankelijk Curaçao en het Koninkrijk der Nederlanden. Arubanen, Bonairianen, Bovenwinders en Europese Nederlanders hebben geen vrije toegang tot Curaçao, terwijl Curaçaoënaars geen vrije toegang hebben tot Aruba, Bonaire, de Bovenwinden en Nederland of de landen van de Europese Unie. Curaçao is vrij om met andere landen toelatingsverdragen te sluiten. De beslissingsbevoegdheid over de toelating en uitzetting van vreemdelingen is exclusief in handen van de regering van Curaçao.
Justitie
De band met de rechterlijke organisatie in Nederland vervalt. De Hoge Raad, die zetelt in Den Haag, geldt voor Curaçao niet meer als het hoogste rechtscollege. Wel kan Curaçao daarvoor een verdrag met het Koninkrijk sluiten. Die rechtsmacht kan ook worden opgedragen aan een Caribisch hof van justitie. De samenwerkingsregeling met Aruba kan door middel van een verdrag blijven bestaan. Een zelfde soort verdrag kan ook met de andere eilanden worden gesloten. Curaçao moet een eigen rechterlijke macht opzetten, die wellicht bestaat uit één college waarin enkele leden belast zijn met rechtspraak in hoger beroep. In beginsel zouden in dit college alleen Curaçaose rechters benoemd moeten worden. Het Openbaar Ministerie beperkt zijn werkzaamheden tot Curaçao en is ondergeschikt aan de Curaçaose regering. Curaçao is vrij om rechtshulpverdragen te sluiten met Nederland, met de andere Caribische delen van het Koninkrijk, of met andere landen die dat willen.
De sociale voorzieningen
De regering van Curaçao zal zelf bepalen hoe de sociale wetgeving van Curaçao eruit zal zien. Het te voeren beleid en het niveau van de voorzieningen zal afhankelijk zijn van de financieel-economische realiteit van de nieuwe staat.
De overheidsschuld
Als onafhankelijk land neemt Curaçao een deel van de schuld mee van het Land de Nederlandse Antillen. Het gedeelte van die schuld dat aan Curaçao wordt toegerekend zal, samen met de bestaande schuld van het eilandgebied, de eigen schuld zijn van een onafhankelijk Curaçao. Bij het bereiken van de onafhankelijkheid moeten over de afwikkeling van de financiële relatie afspraken worden gemaakt tussen het Koninkrijk en Curaçao.
De gevolgen voor de relatie met de Europese Unie
De relatie met de Europese Unie door middel van de huidige LGO-regeling zal worden beëindigd. Curaçao kan ook geen status krijgen als Ultra-Perifeer Gebied (UPG) van de Europese Unie. Curaçao kan als onafhankelijke staat wel volwaardig lid worden van Caricom, de Caribische organisatie voor economische samenwerking.
Het recht op zelfbeschikking
Het recht op zelfbeschikking zal zijn uitgewerkt. In de toekomst is het niet mogelijk om op grond van het zelfbeschikkingsrecht zelf te beslissen over een andere staatkundige relatie met Nederland.