Een autonoom land binnen het Koninkrijk worden (optie A)
Een autonoom land binnen het Koninkrijk worden (optie A)
Deze optie houdt in, dat Curaçao geen deel meer uitmaakt van de Nederlandse Antillen. Curaçao blijft wel deel uitmaken van het Koninkrijk. Binnen het Koninkrijk krijgt Curaçao een autonome status als land, die vergelijkbaar is met de status aparte van Aruba.
De relatie tussen de eilanden van de Nederlandse Antillen
Curaçao zal geen deel meer uitmaken van de Nederlandse Antillen. Curaçao kan wel met één of meer andere eilanden regelingen treffen om bepaalde taken samen uit te voeren. Dat is te vergelijken met de huidige samenwerkingsregeling tussen de Nederlandse Antillen en Aruba. Curaçao krijgt één bestuurslaag. De regering van het Land verdwijnt en de taken van het Land worden toebedeeld aan de regering van Curaçao. Er is voortaan één parlement en één regering. De andere eilanden hebben geen invloed meer op de samenstelling van het parlement en de regering. Curaçao krijgt alle bevoegdheden die niet onder de verantwoordelijkheid van het Koninkrijk vallen. Curaçao beslist of over de uitoefening van die bevoegdheden onderhandeld kan worden.
De relatie tussen Curaçao en Nederland
Curaçao wordt rechtstreeks partner voor Nederland binnen het Koninkrijk. Het Statuut wordt aangepast zodat ook Curaçao de status van autonoom land binnen het Koninkrijk krijgt. Deze status is in beginsel vergelijkbaar met die van Aruba, sinds Aruba in 1986 de Status Aparte kreeg. Curaçao moet de precieze inhoud van de autonome status nader uitwerken. Binnen de grenzen van wat redelijk is, moet Nederland deze uitvoeren.
De waarborging van de kwaliteit van het bestuur
Het Koninkrijk der Nederlanden waarborgt de fundamentele menselijke rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van bestuur. Dat staat in artikel 43 van het Statuut. Curaçao zorgt er zelf voor dat deze rechten en vrijheden worden nageleefd. Curaçao heeft een eigen Staatsregeling. Het Koninkrijk houdt ook toezicht op wetgeving en bestuur van Curaçao. Dit hoger toezicht is geregeld in het Statuut. Veranderingen in de aard en omvang van dit toezicht kunnen alleen plaatsvinden met toestemming van Curaçao. Als Curaçao geen deel meer uitmaakt van de Nederlandse Antillen, vervalt het hoger toezicht van het land de Nederlandse Antillen.
De nationaliteit
De inwoners van Curaçao die een Nederlandse nationaliteit hebben, houden de Nederlandse nationaliteit. Ze houden ook het Nederlandse paspoort. De Rijkswet op het Nederlanderschap blijft van kracht.
Defensie en buitenlandse betrekkingen
De verdediging van het grondgebied van Curaçao blijft een taak van het Koninkrijk. De behartiging van de buitenlandse betrekkingen blijft ook een taak van het Koninkrijk. Curaçao kan ervoor kiezen dat een internationale overeenkomst of verdrag ook voor Curaçao zal gelden. Curaçao kan ook zelf het initiatief nemen voor verdragen die (alleen) voor Curaçao zullen gelden. In diverse internationale en regionale organisaties kan Curaçao zelfstandig deelnemen. Curaçao krijgt een eigen diplomatieke manoeuvreerruimte in de regio. Curaçaoënaars kunnen ter beschikking worden gesteld van de Koninkrijksregering om de belangen van Curaçao te behartigen bij de vertegenwoordigingen van het Koninkrijk, zoals ambassades en consulaten. Daarnaast neemt Curaçao, net zoals Aruba, de internationale verplichtingen van de Nederlandse Antillen over op het gebied van verdragen, administratieve akkoorden en deelname aan internationale en regionale organisaties.
De belastingen
Het parlement en de regering van Curaçao zullen zelf zorgen voor de fiscale wetgeving van Curaçao. Het opleggen en het innen van belasting gebeurt door de eigen Belastingdienst van Curaçao. Alle belastingopbrengsten blijven op Curaçao. Deze optie heeft geen gevolgen voor de specifieke fiscale wetgeving die de basis vormt voor de internationale financiële sector op Curaçao. Internationale regelingen en de Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK), die ook voor het voortbestaan van de internationale financiële sector van belang zijn, blijven in beginsel gelden.
De handel
Het verkeer van goederen, kapitaal en diensten zal aan bepaalde restricties gebonden zijn. Deze zijn te vergelijken met de restricties in de handel met Aruba. Voor het handelsverkeer tussen de eilanden zullen over en weer invoerrechten en eventuele andere economische heffingen moeten worden betaald. Dat is nu niet het geval. Het kapitaalverkeer vanuit Curaçao naar de andere eilanden zal onderhevig zijn aan een vergunning van de Centrale Bank en aan de betaling van deviezenprovisie. De kapitaalkosten in de handel met de overige eilanden zullen dan toenemen. Een autonome status van Curaçao sluit een monetaire en economische unie tussen de eilanden niet uit. De eilanden moeten hun beleid op deze terreinen dan op elkaar afstemmen.
Het geldwezen
Er zullen nieuwe Curaçaose munten worden geslagen en bankbiljetten worden gedrukt en in omloop gebracht. Tegelijkertijd zullen de bestaande Antilliaanse munten en bankbiljetten uit de circulatie worden gehaald. Er moeten weer afspraken worden gemaakt over de koppeling van de Curaçaose munt aan een andere munteenheid. Onder de huidige situatie lijkt een koppeling van de Curaçaose munt aan de U.S. dollar reëel. Het monetair en bedrijfseconomisch toezicht van een mogelijke eigen Curaçaose Centrale Bank zal zich in beginsel beperken tot op Curaçao opererende kredietinstellingen. De werkingsfeer van de Landsverordening Toezicht Bank- en Kredietwezen zal in principe gelden voor Curaçao. Als de eilanden een monetaire unie vormen zal de huidige situatie met de Antilliaanse gulden in aangepaste vorm blijven bestaan.
Het Personenverkeer
Curaçaoënaars zullen niet vrij kunnen wonen en werken op Bonaire en de Bovenwinden. Bewoners van die eilanden die zich op Curaçao willen vestigen, vallen onder een toelatingsregeling. Het is mogelijk dat Curaçao, Bonaire en de Bovenwinden een samenwerkingsregeling sluiten die te vergelijken is met de Samenwerkingsregeling Nederlandse Antillen en Aruba. Zo’n regeling kan het personenverkeer tussen de eilanden versoepelen. Het personenverkeer tussen Curaçao en Aruba blijft zoals het is. Hetzelfde geldt in principe voor het personenverkeer tussen Curaçao en Nederland. De regering van Curaçao beslist zelfstandig over de toelating en uitzetting van vreemdelingen, inclusief Arubanen, Bonairianen, Bovenwinders en Europese Nederlanders.
Justitie
In principe verandert er niets aan de rechterlijke organisatie. De Hoge Raad, die zetelt in Den Haag, is het hoogste rechtscollege in het Koninkrijk der Nederlanden. Het huidige Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, kan worden gehandhaafd voor alle Caribische delen van het Koninkrijk. Het Openbaar Ministerie zal, net als voor Aruba, apart voor Curaçao geregeld worden, met een eigen Procureur Generaal. Het Openbaar Ministerie van Curaçao is verantwoording verschuldigd aan de regering van Curaçao. De regering van Curaçao beslist of de rechtshandhaving op Curaçao deel gaat uitmaken van een groter geheel.
De sociale voorzieningen
De sociale voorzieningen van Curaçao blijven dezelfde als nu. Als autonoom land in het Koninkrijk neemt Curaçao de voorzieningen over die nu onder de Nederlandse Antillen vallen.
De overheidsschuld
Als autonoom land binnen het Koninkrijk neemt Curaçao een deel van de schulden mee van het Land de Nederlandse Antillen. Het gedeelte van die schuld dat aan Curaçao wordt toegerekend zal, samen met de bestaande schuld van het eilandgebied, de eigen schuld zijn van het Land Curaçao.
De relatie met de Europese Unie
De mogelijke gevolgen voor de relatie met de Europese Unie liggen nog open. Afhankelijk van de opstelling van de Europese Unie kan de regering van Curaçao zelf kiezen voor een voortzetting van de huidige status van Landen en Gebieden Overzee (LGO) of voor de status van Ultra-Perifeer Gebied (UPG). Als voor een UPG-status wordt gekozen, betekent dat een integratie in de Europese Unie. Deze integratie zal ook gevolgen hebben voor de andere thema’s die in dit bulletin besproken worden. Zo zullen met name voor de handel, het geldwezen en het begrotingstekort andere voorwaarden gelden als voor een UPG status wordt gekozen.
Het recht op zelfbeschikking
Het recht op zelfbeschikking blijft behouden. De optie betekent een voortzetting van de status van geassocieerd land volgens de regels van het Statuut. In de toekomst blijft de mogelijkheid bestaan om op grond van het zelfbeschikkingsrecht te kiezen voor een andere staatkundige relatie met Nederland.